Monument voor ongedoopte kinderen

Op 8 december 2006 werd op de begraafplaats een Monument voor ongedoopte overleden kinderen ingezegend.

Monument voor ongedoopte kinderen

Het gaat nooit over. De liefde voor je kind gaat nooit over, ook al heb je hem of haar nauwelijks of niet gekend. En omdat de liefde nooit over gaat, gaat de pijn van het gemis en het verdriet ook nooit over. Al heb je later andere kinderen gekregen, al is het soms lang geleden, het maakt allemaal niet uit.

En de kerk heeft niet altijd begrip gehad voor vaders en vooral moeders die dit overkwam. Als wij nu terugkijken op het begraven in ongewijde aarde, op een onbekende plek op of bij het kerkhof, zonder gedenkteken, zonder naam, dan vervult ons dat met een ernstig besef van tekort geschoten zijn. Zeg ook maar: van schuld en spijt.

Daarom hebben wij op ons kerkhof alsnog plaats gemaakt en een teken opgericht. Daarom hebben wij een monument ingezegend waar dat blijvende verdriet troost kan vinden.

 

Op vrijdagmiddag 8 december 2006 hebben wij om 15.30 uur Eucharistie gevierd. Daarna gingen we in processie met witte kaarslichtjes naar het monument op het kerkhof, dat met wierook en water werd gezegend.

Het was op het Hoogfeest van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria. Met dat feest wordt uitdrukking gegeven aan het geloof dat Maria niet belast was met het kwaad en de zonde waarin alle mensen worden geboren. Dat geloof verheft Maria tot een teken van hoop voor ons allemaal, hoop op een leven zonder structureel kwaad en onrecht.

In de aanloop naar het feest van de Geboorte van de Heer, in de tijd van de Advent, vestigt het feest bovendien de aandacht op het bijzondere moederschap van Maria. De Schrift verhaalt dat zij ‘vol van genade’ was, en een absolute openheid voor God aan de dag legde: ‘Mij geschiede naar Uw woord’.  Daarmee is Maria, als moeder van Christus, als moeder van God, ook onze moeder, de moeder van óns geloof.

Het is passend om juist op deze bijzondere dag van Maria het monument in te zegenen. Het geeft immers uitdrukking aan onze hoop en ons vaste vertrouwen dat de kinderen die wij zo vroeg verloren zijn en missen, dichtbij moeder Maria zijn. Naar ons geloofsverstaan hadden deze kinderen - net als Maria - de doop niet nodig om te ontkomen aan zonde en kwaad. Integendeel, wij vertrouwen deze kinderen toe aan Gods barmhartigheid.

 

"DAUWT HEMELEN VAN BOVEN - RORATE COELI DESUPER"

Het monument is in samenspraak met enkele parochianen ontworpen door Annemiek Derkx, verbonden aan Steenhouwerij Joh. Jansen & Zn. uit Utrecht. Zij heeft voorgesteld om het monument op te bouwen rondom de monumentale treurbeuk die op ons kerkhof staat. Deze treurbeuk is geplant tijdens het vijftig-jarig jubileum van de kerk, in 1929 en nu dus ruim 75 jaar oud. Voor ons legt het ook een verbinding tussen het jubileum van toen, en het jubileum van 2004, toen het idee voor dit monument ontstond. Onze PCI heeft een belangrijke financiële bijdrage in de stichtingskosten van het monument geleverd.

De treurbeuk laat zijn takken naar beneden groeien en verbindt hemel en aarde. Rondom de boom wordt een vierkante stenen lijst gelegd, waardoor een tuin ontstaat. Op de stenen lijst staan afwisselend de woorden "Dauwt hemelen van boven" en het Latijnse origineel "Rorate coeli desuper". Het zijn de beginwoorden van een hymne die de kerk al eeuwenlang zingt tijdens de Adventstijd, woorden ontleend aan de profeet Jesaja. De profeet voorzegt de komst van de Verlosser, de Rechtvaardige. De woorden verbinden de boom en het monument met de tijd van zwangerschap, de tijd van verwachting, de tijd van uitzien naar vervulling van liefde, naar nieuw leven.

Binnen de stenen lijst ontstaat een tuin. In de tuin zijn zeven omgekeerde kegelvormige stenen  geplaatst, met de platte kant naar boven. Drie grote en vier kleine kegels verbeelden de vruchten van de tuin, zijn een soort vruchtvormen of kernen. Ze zijn op een speelse wijze in de tuin geplaatst, en kinderen kunnen op de grote vormen zitten, ze gebruiken als krukjes. Enkele kegels zijn glad van boven. Andere zijn voorzien van een rimpeling die lijkt op de kringen die ontstaan wanneer druppels in stilstaand water vallen. De vormgeving doet denken aan de uitwerking van een gevallen traan, en roept de dauw waarover de tekst spreekt en het water van de doop in herinnering: verdriet en troost inéén.

Zo is eigenlijk het hele monument verdriet en troost inéén. De treurende beuk en de tranen op de vruchtvormen contrasteren met de speelsheid van de kegels en de hoop dat de tuin inderdaad vruchten zal voortbrengen. De tekst verbindt het monument bovendien met de kerkelijke tijd van inkeer en verwachting, en roept zang en muziek op. Met deze muziek gingen we dan ook in processie naar het monument gaan. We wisten opnieuw dat de tekst van de hymne eindigt met:

 

Troost u, troost u, mijn volk: weldra komt uw heil: waarom wordt gij verteerd van smart? Waarom grijpt steeds weer nieuwe droefheid u aan? Ik zal u verlossen, wil niet vrezen: Ik ben immers de Heer, uw God, de Heilige van Israël, uw Verlosser.

 

MONUMENT VOOR ALLE OVERLEDEN KINDEREN

Het monument wordt ingericht voor ongedoopte overleden kinderen. Kinderen die zijn overleden tijdens de zwangerschap, bij of vlak na de geboorte, en niet konden worden gedoopt. We denken dan vooral aan kinderen die al langer geleden zijn gestorven en in ongewijde grond werden begraven, een gebruik dat de kerk sinds de zestiger jaren niet meer kent.

Maar het monument wil ook een teken van troost en hoop zijn voor nabestaanden van álle overleden kinderen, ook uit het meer recente verleden en ook die er nog zullen komen. Zo zullen wij als parochiegemeenschap een plaats hebben waar we kunnen samenkomen, bloemen kunnen leggen of een kaars neerzetten, wanneer er erge dingen met kinderen gebeuren.

 

De volledige tekst van de overweging van diaken Schoot tijdens de viering kunt u vinden bij `Inspiratie´.

« VorigeContactLinksNaar Boven

Deze site is gemaakt door www.KerkWeb.com